De wetenschappelijke actualiteit over de gevaren van de pil

Geschreven door Miguel A. Martinez-González op .

Een in The New England Journal of Medicine gepubliceerde studie bevestigt het hoger risico voor borstkanker en andere vormen van kanker voor de vrouwen die hormonale contraceptie gebruiken. Een andere studie, gepubliceerd in de American Journal of Psychiatry brengt deze stoffen in verband met de stijgende trend van zelfmoord en zelfmoordpogingen.

Een der meest radicale recente omwentelingen in de medische praktijk is het geweldige afzwakken van het enthousiasme voor de vrouwelijke hormonen (oestrogenen en progestagenen). Men dacht dat men voor de vrouw in menopauze bij wie de natuurlijke productie van hormonen stilvalt, groot voordeel kon bekomen door een vervangende therapie met pillen die deze hormonen bevatten.

De verrassing was buitenmate groot wanneer men in 2002 voortijdig de grootste klinische proef ooit uitgevoerd met vrouwelijke hormonen heeft moeten stopzetten wegens een stijging van het aantal borstkankers (26% meer dan met een placebo), hartinfarcten (29 % meer met de hormonen) en cerebrovasculaire accidenten (41 % meer met de hormonen). Voortaan beveelt men geen routinebehandeling met deze hormonen meer aan.

De exogene hormonen die gebruikt worden in de menopauze beogen niets anders dan de substitutie van de natuurlijke hormonen. Andere hormonen van hetzelfde type worden gebruikt als contraceptiemiddel bij vrouwen in de leeftijd van voortplanting. Ze moeten veel krachtiger zijn, want ze willen niet de endogene hormonen vervangen, maar wel hun natuurlijke productie verhinderen. Meestal hebben ze een zesvoudige kracht meer. Deze hoge exogene dosis in de contraceptiemiddelen belet de ovulatie en blokkeert andere normale fysiologische processen.

Contraceptiva in het beklaagdenbankje

Sedert dat de exogene hormonen die gebruikt worden in de menopauze in ongenade gevallen zijn, hebben de studies over het inschatten van de risico’s van contraceptiva een groeiende belangstelling gekend. Deze inschatting is zeer belangrijk, gelet op het zeer belangrijk aantal vrouwen — meer dan 100.000.000 — in de wereld die deze gewoonlijk gebruiken. Dit is waarom een zelfs matige verhoging van het individueel risico zich kan omzetten in duizenden gevallen die aan deze hormonen verbonden zijn.

Veel epidemiologische studies hebben reeds het gebruik van gecombineerde contraceptiva (oestrogenen en progestagenen) sterk verbonden met een verhoogd risico van borstkanker. Men erkent sedert jaren dat er een hoger risico voor dit soort kanker bestaat voor de actuele of recente gebruiksters ervan. Dit effect werd vooral waargenomen bij vrouwen van minder dan 35 jaar die met contraceptiva begonnen voor de leeftijd van 20 jaar en vóór de eerste volvoerde zwangerschap.

Borstkanker

Een nieuwe studie, gepubliceerd in december 2017 in The New England Journal of Medicine (Mørch LS, Skovlund CW, Hannaford PC, Iversen L, Fielding S, Lidegaard Ø., “Contemporary Hormonal Contraception and the Risk of Breast Cancer” N Engl J Med 2017; 377:2228-39), heeft een uiterst ruime bevolking gevolgd met buitengewone methodologische criteria. Naar mijn mening zal deze studie in de toekomst moeilijk kunnen voorbijgestreefd worden door andere opzoekingen op contraceptiva en borstkanker.

Men heeft prospectief bijna 1.800.000 vrouwen uit heel Denemarken gevolgd, vrouwen die bij de aanvang niet leden aan kanker of trombose van de aderen (een ander zeker risico van contraceptiva) en die niet behandeld waren geweest voor onvruchtbaarheid. Gedurende gemiddeld 11 jaren observatie heeft men 11.517 nieuwe gevallen van borstkanker vastgesteld. Men heeft relatief 20% meer borstkanker opgemerkt tussen actuele of recente gebruiksters van contraceptiva dan bij de niet-gebruiksters.

Deze significante verhoging van het risico steeg nog wanneer zij langere tijd contraceptiva hadden genomen, met een relatieve stijging van het risico tot 38% wanneer zij er hadden genomen gedurende 10 jaar of meer. Het hoge risico van borstkanker bleef bestaan nadat zij hadden opgehouden de pil te nemen, indien zij deze hadden gebruikt gedurende minstens 5 jaar. De meest recente contraceptiva verhoogden het risico voor borstkanker, zo goed als de oudste middelen. Geen enkele contraceptieve bereiding was vrij van risico.

Hoe meer gebruiksters, hoe meer risico’s

Sommige sectoren van de wetenschappelijke gemeenschap hebben gereageerd op deze zeer ernstige studie met interpretaties die bedoeld waren om de Big Pharma niet voor het hoofd te stoten en politiek correct te zijn, maar die vele vragen opwerpen in een gezond perspectief van volksgezondheid. Men begint met te beweren dat het individueel risico klein is, en dat bv. de contraceptiva op jaarbasis slechts verantwoordelijk zouden zijn voor één geval van borstkanker op 7.690 gebruiksters. En men leidt daaruit af dat de 7.689 anderen geen enkel individueel risico zouden stellen hoewel ze contraceptiva gebruiken.

Maar zulke redenering is diametraal tegengesteld aan wat vereist wordt in de volksgezondheid. Deze vraagt de gehele bevolking te bekijken en het gevolg van een risicofactor op de schaal van de bevolking, en niet enkel op individuele schaal. Wanneer er ongeveer 150.000.000 gebruiksters van contraceptiva in de wereld zijn, zouden er jaarlijks 20.000 nieuwe bijkomende gevallen van borstkanker bijgeteld worden exclusief te wijten aan het gebruik van contraceptiva. Wanneer men dit toepast op vrouwen van meer dan 40 jaar, die grotere absolute risico’s hebben, zal het aantal van gevallen wegens contraceptiva nog groter zijn.

Zo redeneren, in een bevolkingsperspectief, is de correcte manier van denken, die altijd toegepast wordt in de volksgezondheid. Bijvoorbeeld voor de passieve blootstelling aan de tabaksrook en het risico van longkanker is het duidelijk dat het individuele risico zeer klein is, maar vermits er zoveel mensen zijn die worden blootgesteld aan de rook van een ander, heeft men geoordeeld dat het effect op de schaal van de bevolkingen zeer groot was. Daarom heeft men maatregelen van volksgezondheid genomen. Waarom zou men andere criteria moeten nemen wanneer het gaat om een probleem van seksualiteit? Gelden de gewone criteria niet meer en moeten wij, wetenschappers, ons slaafs onderwerpen aan het ideologisch totalitarisme van de globale seksuele revolutie?

Andere kankers en cardiovasculaire aandoeningen

Een andere partijdige interpretatie bestaat erin te zeggen dat, hoewel er een verhoging is van het risico van borstkanker, men ook andere kankers kan voorkomen. Het is een feit dat de contraceptiva sterk het risico van kanker van de eierstokken verminderen, en ook wat van deze van de baarmoeder en wellicht ook de colorectale kanker. Maar ze verhogen ook het aantal leverkankers en baarmoederhalskankers (of van de anus) door een synergische werking met de humane papillomavirus. Kankers die zijn verwekt door contraceptiva (borst, baarmoederhals) zijn deze welke de meeste overlijdens van vrouwen veroorzaken in de wereld (522.000 en 266.000 respectievelijk). Men mag het verhoogd risico van leverkanker ook niet vergeten.

De combinatie van oestrogenen en progestagenen die in contraceptiva wordt gebruikt brengt bij de proefdieren kankers teweeg. Het Internationaal Agentschap voor Kankeronderzoek (IARC) besluit dat, hoewel er geen risico aan de contraceptiva verbonden is voor kankers van het endometrium en colorectale kankers, en niettegenstaande het feit dat contraceptiva kanker van de eierstokken voorkomen, het zeker is dat er bij het menselijk wezen voldoende bewijzen bestaan van het kankerverwekkende effect van de gecombineerde contraceptiva (oestrogenen en progestagenen) en dat het definitief vaststaat dat zij het risico van borstkanker, baarmoederhalskanker en leverkanker verhogen (daarom klasseert men ze als kankerverwekkende stof van groep 1).

Nog vóór de kanker zijn de eerste doodsoorzaak in de wereld de cardiovasculaire ziekten (hartinfarct en cerebrovasculair accident) waarvan het aantal duidelijk verhoogt (met 60%) bij het nemen van contraceptiva. Men mag ze nooit vergeten, want ze hebben het meeste gewicht in ieder overzicht van risico’s en voordelen. Het is eigenaardig dat niemand lijkt zich eraan herinnerd te hebben in de commentaar bij de studie die in The New England Journal of Medicine werd gepubliceerd.

Risico van zelfmoord

Een maand vroeger publiceerde de American Journal of Psychiatry een andere macrostudie (Skovlund CW, Mørch LS, Kessing LV, Lange T, Lidegaard Ø. “Association of Hormonal Contraception With Suicide Attempts and Suicides”. Am J Psychiatry 2017. Nov 17 [epub ahead of print]), eveneens van hoog wetenschappelijk gehalte, thans gebaseerd op een bevolking van bijna 500.000 vrouwen die tijdens meer dan 8 jaar werden gevolgd. Deze studie stelde een sterke stijging vast van het zelfmoordrisico (en risico op zelfmoordpoging) in verband met het gebruik van contraceptiva. Deze resultaten zijn samenhangend met het verhoogd risico (voornamelijk bij jongere meisjes) van het ondervinden van periodes van depressie wanneer zij zich onderwerpen aan het gebruik van contraceptiva, zoals gepubliceerd in JAMA Psychiatry in 2016.

Zoals de auteurs het aanduiden kan een deel van deze psychiatrische effecten verklaard worden door het seksueel gedrag van sommige vrouwen die contraceptiva innemen, maar er schijnt ook een meer biochemische grond te zijn in verband met het intense externe “beschieten” door steroïde hormonen die een nefaste invloed hebben op verschillende zones van de hersenschors.

Al deze ontdekkingen liggen aan de spits van de actuele epidemiologische wetenschap. Zij nodigen eens te meer uit aandachtig te lezen wat Paulus VI moedig schreef in Humanae Vitae, een encycliek waarvan men de 50e verjaardag zal vieren in 2018. Vandaag Humanae Vitae herlezen — een zeer kort document — laat toe in hun context de alternatieven te plaatsen voor de pil en de contraceptieve mentaliteit, die zoveel onrecht hebben gedaan. Door ze te herlezen ziet men hoe de visie van Paulus VI in 1968 relevant was. Per slot van rekening beschrijven de Deense epidemiologisten ons de duizenden overlijdens die men had kunnen voorkomen door de raadgevingen van Humanae Vitae te volgen.

Miguel A. Martínez-González is Professor van Preventieve Geneeskunde en van Volksgezondheid aan de Universiteit van Navarra (Spanje). Hij is tevens Adjunct-Professor aan de Harvard TH Chan School of Public Health. De originele titel van het artikel is: Dos macroestudios confirman los riesgos de los anticonceptivos hormonales (Twee macro-studiën bevestigen de risico’s van hormonale contraceptieven). Het werd gepubliceerd op: http://www.aceprensa.com/articles/dos-macroestudios-confirman-los-riesgos-de-los-anticonceptivos-hormonales/ waar de lezer het geheel van de wetenschappelijke refertes van het artikel kan terugvinden. De tekst werd uit het Frans vertaald door Walter Van Goethem.

Tags: Huwelijk Bioethiek Contraceptie